Na 308 jaar Nederlandse bemoeienis werd Suriname in 1975 onafhankelijk. In Paramaribo werd dat gevierd met een grote menselijke vlag. © ANP / Nationaal Fotopersbureau

Dames en heren, vrienden, familie, landgenoten,

Vandaag vieren wij een mijlpaal: 50 jaar onafhankelijkheid van Suriname. Een halve eeuw geleden, op 25 november 1975, klonk het startsignaal voor een nieuw hoofdstuk in onze geschiedenis. Onafhankelijkheid is nooit een eindpunt, maar altijd een begin. Het gaat gepaard met strijd, met vallen en opstaan, maar ook met veerkracht en hoop.

In 1976 kwam ik naar Nederland, vol met wensen voor een toekomst, maar ook met dromen over Suriname – mijn moederland, waar mijn navelstreng begraven ligt. Die band is onbreekbaar. Waar ik ook ben, Suriname leeft in mij.

In mij schuilen vele nationaliteiten, strijdbare voorouders die zowel van Nederland als van Suriname houden. lk draag hun kracht en hun liefde met me mee. Suriname is immers een smeltkroes der culturen – een land waar diversiteit geen scheiding is, maar juist een bron van rijkdom. De afgelopen vijftig jaar hebben ons veel geleerd. We hebben momenten van culturele bloei gekend, waarin muziek, literatuur en kunst ons nog meer verbonden met elkaar. We hebben ook donkere tijden doorstaan: politieke instabiliteit, economische crises, en pijnlijke gebeurtenissen die diepe littekens hebben achtergelaten. En toch, telkens weer, stond Suriname op. Want onafhankelijkheid betekent niet dat de weg gemakkelijk is, maar dat wij zelf de weg mogen kiezen.

Er zijn nog vele verhalen die niet verteld zijn – verhalen van zowel de witte als de zwarte kant van onze geschiedenis. Verhalen van strijd, van verlies, maar ook van liefde en solidariteit. Het is onze taak om die verhalen te blijven delen, zodat de toekomst gebouwd wordt op waarheid en erkenning. Vorige week is er in Goes een motie aangenomen om 1 juli te herdenken in de kerk waar Jacob Valcke begraven ligt – een van de grondleggers van de VOC. Dat is een belangrijk gebaar: het laat zien dat ook hier, in Goes, in de Bevelanden, de geschiedenis wordt erkend en herdacht. Mijn hoop is dat men volgend jaar in de middag van 1 juli 2026, na jullie ceremonie, naar Middelburg komen, om samen de afschaffing van de slavernij te vieren. Want herdenken en vieren horen bij elkaar: het erkennen van het verleden én het bouwen aan een gezamenlijke toekomst.

lk ben dankbaar en blij dat wij elkaar weer lijken te vinden. Dat Zeeland en Suriname, via deze herdenkingen en vieringen, opnieuw verbonden raken. Het is een teken dat wij samen leren, samen groeien, en samen bouwen aan een wereld waarin onze gedeelde geschiedenis niet scheidt, maar juist verbindt. Vijftig jaar onafhankelijkheid is eigenlijk pas het begin. Wij staan nog in de kinderschoenen van het opbouwen van een stabiel land. Maar dat is geen zwakte – het is een kans. Want wij hebben hoop. Wij hebben kracht. En bovenal: wij hebben elkaar.

Laat ons vandaag niet alleen terugkijken, maar vooral vooruitzien. Suriname is een land van veerkracht, van verbondenheid, van dromen die blijven leven – ook al zijn ze soms ver weg. Wi e firi – wij voelen. En samen houden wij dat gevoel levend. En nu moeten ook wij nog het WK halen en dan is het gevoel compleet!